CASE: Bedrijfsvoering met zelforganisatie en inclusie als uitgangspunt

Arduin

Arduin staat midden in de samenleving. Die samenleving zijn wij allemaal. Het maakt niet uit wie je bent. Iedereen geeft op een eigen unieke manier kleur aan deze samenleving. Door wie je bent. De samenleving is gevarieerd en daarom is ook het aanbod van Arduin gevarieerd. Arduin is er voor mensen met een verstandelijke beperking. Ook als de vraag om ondersteuning erg intensief is en vraagt om speciale deskundigheid. Arduin ondersteunt de cliënten in het ontplooien van hun talenten met als uitgangspunt: gewoon wat kan, bijzonder wat moet.

Aanleiding (why)

Binnen Arduin bestond het idee dat men het bedrijfsproces niet goed in de vingers had en geen zicht op de vraag of de inspanningen van de organisatie ook daadwerkelijk ‘het verschil maken’.

Doel (what)

Arduin stelde zich ten doel een systeem te ontwikkelen dat de uitgangssituatie van de cliënt in beeld kan brengen en de voortgang kan monitoren zodat er ook een beeld gaat ontstaan van de kosten en opbrengsten. Achterliggende reden was dat het streven naar inclusie waarbij cliënten zoveel mogelijk in de wijk wonen, bij veel mensen de vraag opriep of dit niet te kostbaar was en of de kwaliteit van zorg wel was gegarandeerd.

Hoe (how)

De discussies rondom de effectiviteit van de wijze van werken van Arduin leidde tot een nauwe samenwerking met de wetenschap. Met name de professoren Schalock[1] en Verdugo en later ook Thompson – allen verbonden aan de American Association on Intellectual and Developmental Disabilities (de AAIDD) – en professor Van Hove van de Universiteit van Gent toonden zich nauw betrokken bij Arduin. En niet zonder resultaat: twee wetenschappelijk gevalideerde instrumenten, te weten de Supports Intensity Scale (SIS; Thompson et al., 2004) en de Personal Outcomes Scale (POS; Van Loon et al., 2008) ondersteunen nu het werken aan de kwaliteit van bestaan binnen Arduin. De methodieken zijn gepositioneerd aan het begin – de input (SIS) – en aan het einde – de outcome (POS) – van het bedrijfsproces.

Deze methodieken bieden organisaties een krachtig instrument om de effectiviteit van de interventies te evalueren en de stap te maken naar een meer ‘practice en evidence based’ aanpak. Niet alleen op individueel niveau, maar ook op locatie- en organisatieniveau.

[1]  Professor Schalock ontwikkelde de acht domeinen van de kwaliteit van bestaan: persoonlijke ontwikkeling; zelfbepaling; interpersoonlijke relaties; sociale inclusie; rechten; emotioneel welbevinden; fysiek welbevinden; en materieel welbevinden.

 

Ervaringen

  • Kies of creëer (monitor)instrumenten die je visie en aanpak kunnen staven op effectiviteit en effect op de kwaliteit van bestaan van de cliënt.
  • Werk samen met de wetenschap zodat je aanpak evidence based
  • Positioneer de methodieken aan het begin – de input – en aan het einde – de outcome – van het bedrijfsproces zodat je veranderingen daadwerkelijk kunt monitoren.
  • Zorg dat je vraagverduidelijking en zorgverstrekking – diagnose en behandeling – niet door dezelfde organisatie laat uitvoeren omdat je hierdoor bias krijgt en de scherpte/diepte uit het geheel kan verdwijnen.

Reflectie

Arduin heeft een mondiaal erkende methoden mede ontwikkeld en in de eigen organisatie toegepast en het bedrijfsmatig werken en denken binnen de VG-sector gestimuleerd. Dit deed ze vanuit een positie waarin kanttekeningen werden gezet bij haar wijze van benaderen van cliënten, namelijk inclusie. Het is een goed voorbeeld hoe je vanuit een dergelijke positie het initiatief kunt nemen en hiermee koploper in de sector wordt.

Aanvullende informatie

Lees hier de volledige case